Hallo!

Wist u dat ingelogde gebruikers veel meer inhoud kunnen zien?

Projectbasispunten voor IFC-export en de referentiemodelimport definiëren

Toegevoegd March 23, 2017 by Tekla User Assistance tekla.documentation@trimble.com

Softwareversie: 
2017

Projectbasispunten voor IFC-export en de referentiemodelimport definiëren

Projectbasispunten voor IFC-export en de referentiemodelimport definiëren

Met de basispunten kunt u een ander coördinatensysteem gebruiken dat nodig is voor uitwisselbaarheid en samenwerking. U kunt een ander coördinatensysteem gebruiken om referentiemodellen in te voegen en IFC-modellen te exporteren. Wanneer u basispunten gebruikt, kunt u de coördinaten klein houden en het model waar nodig vinden. U kunt zoveel basispunten maken als u nodig hebt.

Denk aan het volgende:

  • Het referentiemodel mag geen extra lijnen naar de oorsprong hebben.
  • Referentiemodellen mogen geen objecten bevatten die erg ver van elkaar af liggen omdat anders het gebruik van het model moeilijk kan worden.
  • Oorspronkelijke Tekla Structures -objecten die referentiemodellen bevatten mogen niet erg ver van de Tekla Structures -modeloorsprong worden ingevoegd.

Een basispunt definiëren

U kunt basispunten definiëren in Projecteigenschappen. Als u een basispunt wilt maken, moet u de coördinaten kennen van het referentiemodel dat u importeert of de coördinaten die u in een IFC-export wilt gebruiken.

  1. Open een Tekla Structures -model waaraan u basispunten wilt toevoegen.
  2. Klik op Bestand > Projecteigenschappen > Basispunten om het dialoogvenster Basispunt te openen.
  3. Vul de benodigde gegevens in:

    Naam , Beschrijving Voer een naam en een korte beschrijving voor het basispunt in.
    Coördinatensysteem Voer de naam van het coördinatensysteem in dat u gebruikt.
    Oostcoördinaat (E) Voer de Oostcoördinaat (E) in wat het corresponderende X-coördinatenpunt in het andere coördinatensysteem vertegenwoordigt.
    Noordcoördinaat (N) Voer de Noordcoördinaat (N) in wat het corresponderende Y-coördinatenpunt in het andere coördinatensysteem vertegenwoordigt.
    Hoogtemaat Voer de Hoogtemaat in die het corresponderende Z-coördinatenpunt in het andere coördinatensysteem vertegenwoordigt.
    Poolgraad , Lengtegraad

    Voer de Breedtegraad en Lengtegraad van het basispunt in dat in de IFC-export moet worden gebruikt.

    Breedtegraad en Lengtegraad zijn extra gegevens die sommige software kunnen gebruiken. In het IFC-bestand wordt dit naar IFCSITE -gegevens geschreven.

    Als het totale aantal cijfers in Lengtegraad meer dan 15 is, wordt de waarde naar boven afgerond als deze > 99,999999999999999999 is.

    Als u de gegevens van Breedtegraad en Lengtegraad tussen decimale notatie en de notatie graden/minuten/seconden (DMS) wilt converteren, raadpleegt u Breedtegraad/Lengtegraad naar decimaal converteren.

    Locatie in het model Wijs een locatie voor het basispunt aan of voer deze in het Tekla Structures -model in.
    Hoek naar het noorden Wijs de Hoek naar het noorden aan of voer deze in, wat de hoek tussen Y en het noorden is. De Hoek naar het noorden is 0 als het noorden in het andere coördinatensysteem gelijk is aan Y. Het maximumaantal decimalen voor de hoek is 13.
  4. Klik op Wijzigen om het basispunt op te slaan.

    Er wordt een blauw symbool in het model toegevoegd.

    Als u later wijzigingen aan het basispunt aanbrengt, wijzigt de locatie van het basispunt in het model volgens de locatie of rotatiewijzigingen die u in het dialoogvenster Basispunt aanbrengt wanneer u op Enter drukt of op een ander invoerveld klikt en het is niet nodig op Wijzigen te klikken.

    U kunt nu een referentiemodel invoegen of een IFC-model exporteren met het opgegeven basispunt.

Een referentiemodel met een basispunt invoegen

Voordat u een referentie aan de basispunten kunt invoegen, moet u een basispunt in uw model maken. Als u het basispunt maakt, moet u de coördinaten weten van het referentiemodel dat u importeert.

  1. Open de lijst Referentiemodellen door op de knop Referentiemodellen in het zijvenster te klikken.
  2. Klik in de lijst Referentiemodellen op de knop Model toevoegen.
  3. Als u in het dialoogvenster Model toevoegen eerder gemaakte bestanden met referentiemodeleigenschappen hebt, laadt u het gewenste bestand door de lijst met eigenschappenbestanden bovenaan te selecteren.
  4. Blader naar het referentiemodel door op Bladeren te klikken.
  5. Selecteer in Groep een groep voor het referentiemodel of voer een naam voor een nieuwe groep in.

    Als u geen naam voor de groep invoert, wordt het referentiemodel in de groep Standaard ingevoegd.

  6. Selecteer in de Locatie door het basispunt dat u wilt gebruiken.
  7. Klik op de knop Model toevoegen. Tekla Structures voegt het referentiemodel relatief ten opzichte van het geselecteerde basispunt in door de waarden van het coördinatensysteem, de hoogtemaat en de hoek in de definitie van het basispunt in het model Projecteigenschappen te gebruiken.

Een IFC-model exporteren met een basispunt

Voordat u een IFC-bestand kunt exporteren met een basispunt, moet u een basispunt in uw model maken.

  1. Klik op Bestand > Exporteren > IFC om het dialoogvenster Naar IFC exporteren te openen.
  2. Selecteer in Locatie door een basispunt dat u hebt gemaakt.
  3. Vul andere benodigde IFC-export gegevens in.
  4. Klik op Exporteren. De basispuntoptie exporteert het IFC-model relatief ten opzichte van het basispunt door de waarden van het coördinatensysteem, hoogtemaat, poolgraad, lengtegraad en hoek van de definitie van het basispunt in het model Projecteigenschappen te gebruiken.

Quick feedback

The feedback you give here is not visible to other users. We use your comments to improve our content.
We use this to prevent automated spam submissions.
Inhoudswaardering: 
Nog geen stemmen